| Dramatisering van een ziekte De recente gebeurtenissen rond de Mexicaanse griep tonen dat onze maatschappij wel over de wetenschappelijke kennis beschikt om griepuitbarstingen het hoofd te bieden, maar ziekte nog altijd als een voorbode van de Apocalyps beschouwt.
De wereldwijde angstgolf na de uitbarsting van een dodelijk griepvirus in Mexico is meer een reactie op de dramatisering van de griep dan op de reële dreiging die ze vormt. Een uitbarsting van griep is heel gewoon. Elk jaar overlijden er duizenden mensen aan en in normale omstandigheden is onze maatschappij opgewassen tegen de dreiging. Af en toe breidt een griepuitbarsting zich uit tot een wereldwijde pandemie die vele doden eist. Maar niets bewijst dat de zogenaamde varkensgriep, die tot nu toe vrij weinig levens heeft geëist, een pandemie zal worden. Dit lijkt meer op een medische crisis die in een moreel drama is veranderd.
Hoewel varkensgriep een relatief courant risico van de varkensteelt is, moeten we onthouden dat gezondheidsinspecteurs tot op heden in heel Mexico geen enkel besmet varken hebben gevonden. Waarom spreken we dan van ‘varkensgriep’? Dat komt vooral omdat de vorige griepvariant, die genetisch op de huidige leek, bij varkens werd aangetroffen. Maar het hoeft niet noodzakelijk ‘varkensgriep’ te zijn. De Israëlische onderminister van Volksgezondheid, Yakov Litzman, zegt dat zijn land weigert de ziekte zo te noemen, omdat godsdienstige Joden geen varkensvlees eten. ‘Wij noemen ze Mexicaanse griep’, verklaart hij. Het commentaar toont aan dat de naam en het imago dat wij aan een ziekte geven meer door cultuur dan door wetenschap worden beïnvloed.
De geschiedenis leert ons dat de manier waarop mensen op een crisis reageren bepalend is voor haar impact en betekenis. Mensen ‘ondergaan’ een ramp niet zomaar. Ze reageren op de vreselijke of bedreigende gebeurtenis. Soms passen ze zich aan, leren ze ervan en vinden ze er een betekenis in. Andere keren doet een crisis hen het noorden verliezen en brengt ze hen in verwarring, maar leren ze ermee te leven, soms op een creatieve manier.
In principe beschikken wij over alle vereiste middelen en technische ingrediënten om de Mexicaanse griep te trotseren. Vergeleken met andere tijdperken hebben wij een relatief effectief waarschuwings- en opsporingssysteem dat de overheid in staat stelt om de nodige voorzorgen te nemen. Hoewel er voorlopig geen vaccin tegen deze virusstam bestaat, zijn er antivirale geneesmiddelen die na een besmetting helpen. Maar terwijl onze maatschappij de wetenschap en de technologie bezit om deze jongste griepuitbarsting aan te pakken, lijken haar culturele en morele verweermiddelen zwak en kwetsbaar.
Toen de Wereldgezondheidsorganisatie op 27 april 2009 het alarmniveau voor de Mexicaanse griep van niveau 3 naar 4 verhoogde (de schaal gaat tot 6), volgde ze een scenario dat in de eerste jaren van de 21ste eeuw werd opgesteld. Sinds het begin van het millennium heeft de term ‘pandemie’ algemeen ingang gevonden en wordt hij almaar vaker gebruikt voor wereldwijde angsten. ‘Gezondheidsalarmen’ zijn rituelen geworden waarmee handelaren in angst ons er op een bijna religieuze manier aan herinneren dat het uitsterven van de menselijke soort een heel reële mogelijkheid is. Termen als ‘epidemie’ en ‘pandemie’ halen steeds vaker de kranten en worden nu ook in gewone conversaties gebruikt.
Deze neiging om de gevaren op te blazen, leidt tot een situatie waarin paniekzaaiers speculeren over honderdduizenden, miljoenen of zelfs miljarden slachtoffers van de ene of andere crisis of ramp. Zelfs heel prestigieuze tijdschriften en mediakanalen lijken niet bestand tegen de verleiding om alarmistische scenario’s met grote aantallen slachtoffers te verspreiden. Op 5 februari 2004 waarschuwde een hoofdartikel in The New Scientist dat een uitbarsting van vogelgriep, waarvan het virus tussen mensen werd overgebracht, 1,5 miljard levens zou kunnen eisen. De dramatisering van de vogelgriep kreeg pas echt de wind in de zeilen met de waarschuwing van de WGO, in december 2004, dat alle landen hun strategie voor pandemieën moesten herzien.
Zoals een van de studies over de angstcampagnes rond pandemieën opmerkt: ‘Het bewustzijn van pandemieën werd versterkt door het strategische gebruik van wat men ‘paniekcitaten’ zou kunnen noemen in toonaangevende wetenschappelijke tijdschriften en persberichten, verontrustende cijfers, zoals de Hongkong-griep die in 1968 in Groot-Brittannië 30.000 en op wereldschaal meer dan een miljoen mensen doodde, [en] angstaanjagende historische verwijzingen naar bijvoorbeeld de grieppandemieën van 1918 en 1997.’ De auteurs van deze belangrijke studie, Avian Flu: The Creation of Expectations in the Interplay Between Science and the Media, wijzen op de strategie die huidige griepuitbarstingen aan historische rampen koppelt, wat op zijn beurt een paniekklimaat in de hand werkt. In verband met de recente paniek over de dreiging van vogelgriep schrijven ze: ‘De nadruk op pandemieën uit het verleden draagt bij tot de retoriek van de angst, door een voorlopig onbelangrijke uitbarsting een historisch gewicht te geven - zodat iedereen vergeet dat het virus van de vogelgriep slechts een relatief klein aantal mensen heeft gedood, mensen die bovendien direct contact met kippen hadden.’
Gezondheidsverantwoordelijken klinken steeds vaker alsof ze aan het repeteren zijn voor een rol in een rampenfilm. Ze beweren vaak dat we onvermijdelijk heel binnenkort een dodelijke grieppandemie zullen meemaken, aangezien die er in het verleden ook geweest zijn. ‘Elke eeuw krijgt een grote pandemie de wereld in haar greep. Het is onvermijdelijk dat er zich in de toekomst minstens een zal voordoen’, zegt professor Maria Zambon, een virologe die het grieplaboratorium van het Britse Health Protection Agency leidt. Voor alle zekerheid voegt ze eraan toe dat ‘wij nooit volledig voorbereid kunnen zijn op wat de natuur zal doen: de natuur is de ultieme bioterrorist’. De fatalistische visie van een onontkoombare wereldwijde griepramp wordt nog dreigender wanneer men ze aan onze angsten voor het terrorisme koppelt. Hugh Pennington, een vooraanstaande Britse wetenschapper, deed dat toen hij in 2005 de vogelgriep ‘de grootste dreiging voor de menselijke soort’ noemde, een dreiging ‘die veel ernstiger is dan bioterrorisme: dit is natuurterrorisme’.
De dramatisering van de griep heeft onvermijdelijk aanleiding gegeven tot allerlei apocalyptische verhalen over virussen die men als wapens kan gebruiken en die de mensheid in gevaar brengen. Dergelijke verhalen waarschuwen het publiek dat terroristen zouden kunnen proberen ons met vogelgriep te besmetten. Kijk naar de Commission of National Security for the Twenty-First Century van het Institute of Public Policy Research, die in een van haar rapporten speculeerde dat de dreiging van pandemische ziekten, zoals Sars en vogelgriep, voortdurend toeneemt. En dat als gevolg van een gebrekkige voorbereiding ‘een ernstige uitbarsting van een bioterroristisch incident in de volgende 18 maanden de wereldeconomie van een ernstige recessie in een mondiale depressie zou kunnen doen omslaan’. In echte Hollywood-stijl vroeg het rapport ons om ons de mogelijkheid voor te stellen dat een terrorist ‘genen zou kopen om een bestaande, gevaarlijke ziekteverwekker in een meer virulente variant om te zetten’.
Het blijft niet bij angsten over het gebruik van virussen als wapens. Het internet wordt overspoeld door geruchten over de samenzwering die verantwoordelijk zou zijn voor de huidige uitbarsting van varkensgriep. ‘Ik vind het vreemd dat de ziekte in Mexico voor het eerst opdook toen president Obama daar op bezoek was’, schrijft een blogger. En hij vraagt: ‘Zijn er nog mensen die dat verdacht vinden?’ En veel te veel mensen antwoorden: ‘Ja.’ Uiterst-rechtse complotdenkers noemen de varkensgriep ‘de nieuwste bioterroristische aanslag door de Nieuwe Wereldorde’. Linkse kruisvaarders met oog voor complotten geven de Republikeinen in het Amerikaanse Congres de schuld, omdat zij fondsen ‘voor de voorbereiding op pandemieën’ uit het economische stimulusplan van Obama hebben geschrapt. Milieuactivisten stellen de industriële varkensteelt aansprakelijk. Iedereen lijkt zijn eigen versie te hebben van een rampenfilm uit Hollywood, zijn eigen manier om de griep zin te geven.
Het lijkt wel of de uitbarsting van varkensgriep onze verbeelding heeft besmet en onze dagelijkse angsten vorm geeft en concreet maakt. We zouden de varkens beter laten rusten en verder gaan met ons leven.
First
published by De Standaard, 2 May 2009
|